Op donderdag 18 december organiseerde de Plantijn Hogeschool een debat rond de Vlaamse sportmedia. Frank Raes (Sporza), Kris Meertens (Sporza), François Colin (DS), Peter Vandenbempt (Sporza Radio) en Aimé Anthuenis (voetbaltrainer) waren de aanwezigen. Het debat was verdeeld in twee delen: eerst een debat rond een aantal op voorhand geselecteerde topics en vervolgens de mogelijkheid voor de studenten om vragen te stellen aan deze heren.

Onderwerpen die in het eerste deel aan bod kwamen, waren de kenmerken van een goede sportjournalist, de evolutie van de sportverslaggeving (commercialisering versus geloofwaardige, “serieuze” journalistiek) en de schrijfwijze van een sportjournalist (afhankelijk van het medium).

Volgens de verslaggevers zijn de kenmerken van een goede sportjournalist gedrevenheid en algemene kennis (Colin), wel meeleven, maar je objectiviteit bewaren (Vandenbempt), het belang van sport relativeren, maar je wel volledig inzetten (Raes) en de nodige creativiteit in je werk leggen (Meertens).

Kris Meertens vermeldde ook het toenemend belang van randinformatie (zaken die niet op zich sportgerelateerd zijn, maar wel met sportmensen te maken hebben). François Colin kaderde dit in de toenemende commercialisering van de sportverslaggeving, die zelf kadert in de commercialisering van de media tout court. Volgens Colin is de belangrijkste waarde in de journalistiek geloofwaardigheid. Frank Raes merkte hierbij op dat het halen van goede kijkcijfers niet mag onderschat worden en daarom de angst om een primeur te missen heel groot is. Dit is ook de mening van Vandenbempt. Hij zegt dat hierin het gevaar schuilt om bronnen niet degelijk te dubbelchecken, maar volgens hem kan het ook zorgen voor positieve concurrentie.

Aimé Anthuenis zei dat hij ook onderlinge concurrentie bij journalisten had opgemerkt en denkt ook dat dit te maken heeft met de commercialisering van de media. Wat hij ook opvallend vindt, is dat journalisten van de geschreven pers soms maar een band hebben met enkele coaches (en hun netwerk dus te beperkt is).

Tijdens het vragenuurtje had ik de kans om een vraag te stellen aan François Colin. Aangezien hij het de hele tijd had over “serieuze” journalistiek, wou ik weten wat hij daar concreet onder verstond. Zijn antwoord gaf eerder bijkomende uitleg over wat een goede journalist is, maar toen hij vertelde dat voor hem de toekomst van de kwaliteitskrant erin bestond om achtergrondinformatie en analyses aan te bieden, werd mijn vraag toch nog beantwoord.

Op vrijdag hebben we een documentaire gezien over Mohammed Ali in het kader van het maatschappelijke topic ‘sport’. Hieronder volgt een kort verslag.

Een sterk element in deze documentaire vond ik het overvloedige gebruik van beeldmateriaal van die tijd zelf. Bij documentaires is het vaak dat men meer dan de helft van de tijd mensen laat zien, die in een zetel hun uitleg zitten te geven over een situatie en dat kan gemakkelijk tot verveling leiden. Ook dat men heeft gekozen om de beelden in een vierkant te plaatsen, vond ik een positief punt.

Een negatief punt was dat deze documentaire aan een kwaaltje lijdt, waaraan vele documentaires in hetzelfde bedje ziek zijn: alles in het lang en in het breed uitsmeren. Het is positief dat men de nadruk wil leggen op de verandering in zelfidentificatie van de ‘Afro-Americans’, maar men bood zoveel beelden en ongestructureerde informatie aan dat het heel onoverzichtelijk en langdradig werd.

Daarom zou ik nog meer gesnoeid hebben in de speeches en interviews met M. Ali, die – geef ik toe – vaak grappig waren en de beschrijving van de personen rondom hem inkorten. Daarnaast zou ik beter overwogen hebben wanneer fragmenten van muziekconcerten in het verhaal in te voegen.

Het onderwerp ‘sport’ zegt me weinig tot niets. Tot over een paar maanden geleden veranderde ik van zender wanneer het sportnieuws begon en in kranten is het de rubriek waar ik steevast het minste aandacht aan besteed.

Mijn verwachtingen zijn bijgevolg niet zo hoog voor de komende weken, ook omdat het bekijken van de documentaire afgelopen vrijdag me weinig heeft bijgeleerd over sportjournalistiek. Ik vond het wel tamelijk interessant in het kader van videobiografieën.
Ik hoop dat ik mijn mening over sport en sportjournalistiek de komende dagen kan/moet bijstellen .